Mogelijke valkuilen bij bewijsbeslag op digitale bescheiden

De advocaat of deurwaarder die met bewijsbeslag op digitale bescheiden wordt geconfronteerd, bevindt zich in een dynamisch en uitdagend werkveld. Waar het bij fysiek bewijs vaak voldoende is om een bewijsstuk te verzegelen, brengt de huidige digitale maatschappij nieuwe uitdagingen en risico's met zich mee. Slechts één verkeerde of slordige handeling kan leiden tot discussie over de forensische integriteit met eventuele uitsluiting van cruciaal digitaal bewijs tot gevolg.
valkuilen-bij-bewijsbeslag-op-digitale-bescheiden

Dit artikel delen kan via:

LinkedIn
Facebook
WhatsApp
Email
X
Picture of Lex van der Werff

Lex van der Werff

Digitaal forensisch onderzoeker en ondernemer in digitaal forensische dienstverlening en cybersecurity.

In dit artikel bespreek ik 5 mogelijke valkuilen waar juridische professionals en uitvoerders van digitaal bewijsbeslag in de praktijk mee geconfronteerd kunnen worden. De nadruk ligt bij dit artikel niet zozeer op de technische en juridische uitvoering van digitaal bewijsbeslag, maar meer op de praktische uitdagingen.

Onvoldoende waarborging van de forensische integriteit

Als deurwaarder kan het verleidelijk zijn om zelf een eenvoudige kopie te maken op basis van een snelle eigen inhoudelijke selectie. Ook wordt soms nog steeds genoegen genomen met een kopie gemaakt door de spreekwoordelijke systeembeheerder van dienst bij de partij waar beslag wordt gelegd. Dit lijkt in eerste instantie misschien efficient maar het tast in belangrijke mate de bewijskracht aan.

Ieder digitaal bestand is voorzien van metadata die nauwkeurig de exacte tijdstippen bijhoudt waarop een bepaald bestand is gecreëerd, gewijzigd en geopend. Een snel gemaakte kopie krijgt dan vaak de zogenoemde “gecreëerd” of “gewijzigd” tijdstippen van de datum en tijd waarop de kopie voor de deurwaarder is gemaakt. Hierbij gaan de originele metadata en tijdstippen vaak verloren en dit kan tot compleet verkeerde conclusies leiden.

Bij digitaal bewijs is deze metadata essentieel. De rechter moet erop kunnen vertrouwen dat de gegevens die worden overlegd in een juridische procedure, identiek zijn aan wat er tijdens de uitvoering van het bewijsbeslag is aangetroffen. Wanneer er onduidelijkheid bestaat over de metadata van bestanden, dan verliezen digitale sporen alle geloofwaardigheid en zijn daarmee feitelijk waardeloos geworden.

Bij bewijsbeslag op digitale bescheiden is het daarom cruciaal om uitsluitend te werken met forensische kopieën, voorzien van hashwaarden. Een hashwaarde kan worden gezien als een digitale vingerafdruk die een bepaald bestand uniek identificeert. Alleen op deze manier kan later worden aangetoond dat er geen enkele wijziging aan de originele bestanden is opgetreden.

Versleutelde of ontoegankelijke bestanden

Onze steeds verder digitaliserende maatschappij wordt in toenemende mate afhankelijker van elektronisch opgeslagen informatie. Dit heeft ook geleid tot steeds meer technische beveiligingsmaatregelen die de data van een onderneming beschermen tegen kennisneming door niet geautoriseerde derden en kwaadwillenden.

Bij digitaal bewijsbeslag treft de deurwaarder dan ook steeds vaker data aan die is beveiligd met encryptie of wachtwoorden. De deurwaarder heeft dan het beslag conform het door de rechtbank verleende verlof correct uitgevoerd maar de inhoud is niet bruikbaar voor verdere analyse.

Hierdoor zijn meestal weer aanvullende voorzieningen nodig, zoals een aanvullend bevel van de rechter of vrijwillige medewerking van de wederpartij om toegang te verkrijgen tot deze informatie.

Het leggen van bewijsbeslag op data die middels encryptie is beveiligd, ondermijnt de doelstelling van het bewijsbeslag. Het is daarom belangrijk om dit tijdig te signaleren en te documenteren, zodat de rechter begrijpt waar het bewijsbeslag stukloopt.

Data in de cloud en grensoverschrijdende complicaties

Steeds meer data van bedrijven is opgeslagen bij clouddienstproviders en in sommige gevallen staat deze data zelfs verspreid over meerdere buitenlandse jurisdicties. Dit heeft geleid tot een situatie waarin steeds meer data zich niet meer fysiek binnen het Nederlandse rechtsgebied bevindt. Daarmee ontstaat de vraag of een door een Nederlandse rechter toegekend bewijsbeslag op digitale bescheiden zich überhaupt uitstrekt tot gegevens die zijn opgeslagen bij buitenlandse clouddientsproviders. Laat staan of het afdwingen van afgifte van deze data juridisch wel mogelijk is.

Voor de deurwaarder die het bewijsbeslag uitvoert betekent dit dat deze soms te maken krijgt met online omgevingen waarbij geen sprake is van directe fysieke toegang. De data staat fysiek in de spreekwoordelijke cloud en niet meer op de computersystemen bij de partij waar digitaal bewijsbeslag wordt gelegd.

Juridisch gezien kan een beslaglegging inderdaad beperkt zijn door internationale verdragen of privacywetgeving. Soms zal daarom eerst een internationaal verzoek tot rechtshulp moeten worden ingediend of zal het Nederlandse vonnis ook in het buitenland bekrachtigd moeten worden. Pas daarna kan feitelijk beslag gelegd worden op data die is opgeslagen bij een buitenlandse clouddienstprovider. Het is daarom zaak om in voorkomend geval dit in het proces-verbaal nauwkeurig te omschrijven en de rechter duidelijk te informeren. De digitaal forensisch onderzoeker kan hierbij assisteren.

De omvang en diversiteit van digitale gegevens onderschatten

Deurwaarders zijn meer juridisch onderlegd dan dat ze zijn opgeleid in de werking en configuratie van computersystemen. De begrijpelijke neiging kan dan bestaan om voor de zekerheid “alles” maar mee te nemen bij de uitvoering van een bewijsbeslag op digitale bescheiden. Vanuit digitale context bezien, leidt dat echter tot terabytes aan irrelevante gegevens. Naast praktische problemen als opslag en analyse, brengt dit meestal ook juridische problemen met zich mee. Het beslag kan als disproportioneel, een spreekwoordelijke “fishing expedition”, of zelfs als misbruik van het rechtssysteem worden gezien.

Binnen juridische procedures geldt dat bewijsbeslag proportioneel moet zijn. Een beslag dat verder gaat dan strikt noodzakelijk kan door de rechter worden afgewezen of ingeperkt.

Voor de advocatuur is het van belang om nauwkeurig te omschrijven welke bestanden en systemen onder het beslag vallen. Denk hierbij aan bepaalde tijdsperioden, type documenten en specifiek afgebakende zoektermen. Dit wordt meestal in het door de rechter toegekende verlof omschreven, maar er zullen altijd situaties zijn die op verschillende manieren te interpreteren zijn. Wat dat betreft is ieder digitaal bewijsbeslag uniek. Intensieve communicatie met de digitaal forensisch onderzoeker die het beslag namens de deurwaarder technisch uitvoert, is hierbij belangrijk. Dit maakt het bewijsbeslag makkelijker uitvoerbaar en bovenal juridisch verdedigbaar.

Onvoldoende waarborging van privacy en vertrouwelijkheid

Bij digitaal bewijsbeslag kan toegang ontstaan tot gegevens van derden die mogelijk niet relevant zijn voor de juridische procedure. Denk hierbij aan personeelsdossiers, medische gegevens of bedrijfsgeheimen zoals informatie over intellectuele eigendommen van een bedrijf of organisatie.

Voor de advocatuur of deurwaarder geldt dat uitermate zorgvuldig moet worden omgegaan met de inbeslaggenomen data. Een verlof voor bewijsbeslag betekent niet automatisch dat direct een digitaal forensisch onderzoek mag worden uitgevoerd op deze data. Hiervoor is meestal een separaat vonnis van de rechter nodig. Nadat de rechter heeft besloten welk deel van de data feitelijk onderzocht mag worden, kan de digitaal forensisch onderzoeker de data filteren, bewerken en analyseren. Op deze manier wordt gewaarborgd dat alleen relevante stukken aan de rechter of de beslagleggende partij worden verstrekt.

Zowel de advocaat, deurwaarder als digitaal forensisch deskundige dienen dit proces zorgvuldig te documenteren zodat de proportionaliteit en zorgvuldigheid aantoonbaar en verdedigbaar zijn. Zonder deze waarborgen kan dit leiden tot schending van bijvoorbeeld de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG), juridische aansprakelijkheid en zelfs tuchtrechtelijke gevolgen.

Conclusie

Voor zowel juristen als deurwaarders is het veiligstellen van digitale bescheiden in het kader van bewijsbeslag een gebied waar techniek en recht met elkaar in aanraking komen. De besproken valkuilen integriteit, encryptie, clouddienstcomplicaties, proportionaliteit en privacy vragen om voortdurende alertheid.

Het is belangrijk ervoor te zorgen dat digitaal bewijsbeslag niet alleen formeel correct, maar ook praktisch uitvoerbaar en juridisch houdbaar is.

Dat betekent:

  1. Op tijd een digitaal forensisch onderzoeker inschakelen voor de technische uitvoering van het beslag.
  2. Nauwkeurig omschrijven en documenteren wat onder het beslag valt.
  3. Zorgvuldig documenteren van alle uitgevoerde stappen door de digitaal forensisch deskundige.
  4. Handelen vanuit de context van proportionaliteit en rechten van betrokken personen en organisaties.
  5. Alleen op deze manier kan bewijsbeslag in de digitale context het beoogde doel bereiken. Digitale waarheidsvinding door het veiligstellen van betrouwbare en bruikbare gegevens die stand houden in een juridisch procedure.
  6. Wil je weten hoe 212 jouw organisatie kan helpen bij de technische uitvoering van bewijsbeslag op digitale bescheiden? Neem dan vrijblijvend contact op voor een discreet adviesgesprek.

Inhoudsopgave...